Tijdens de dagelijkse rit met de shuttlebus passeer ik verschillende medische instellingen. Eén daarvan staat aan de North Charles Street en heeft een intrigerende naam: Doctors Hospital. Zouden hier alleen artsen geholpen worden?
Doctors Hospitals blijken voor te komen in de hele V.S. Meestal gaat het om jonge en private for-profit instellingen. Acute zorg en chirurgische dagbehandelingen zijn de specialiteit. De naam verwijst naar de eigenaars: medisch specialisten zijn zowel aanbieders als aandeelhouders.
Wel of geen Doctors Hospital, de rol en positie van de arts in het ziekenhuis kan moeilijk onderschat worden. In twee van de vijf instellingen waar ik onderzoek doe, komen oogchirurgen uitsluitend naar het ziekenhuis om te opereren. Ze hebben daarnaast hun eigen ‘offices’ waar patiënten poliklinisch worden gezien. Aan het ziekenhuis de taak om chirurgen naar hun operatiekamers te ‘lokken’. Want als het de dokters niet bevalt kunnen ze met hun patiënten zo terecht in een ander ziekenhuis. Met misschien wel aardigere operatie-assistenten en meer ‘block time’ per case. Of, zoals verpleegkundige Lynne het verwoordde: “We hebben twee belangrijke klanten: 1) dokters en 2) patiënten”.
Het afgelopen decennium is er toenemend gewezen op de noodzaak van het vergroten van patiëntveiligheid. Focus op een teambenadering en leiderschap van de arts daarin speelt een belangrijke rol. De tijd van vrijblijvendheid is voorbij. Intensivist Peter Pronovost pleitte onlangs in de New England Journal of Medicine voor passende corrigerende maatregelen indien nodig. Geen zin om een time out uit te voeren voorafgaand aan een ingreep? Twee weken geen toegang tot de operatiekamer. De Dean van Hopkins heeft hem gevraagd de ideeën uit te werken in een ziekenhuisbreed beleid. Boeiende klus. Lynne lachtte me in elk geval vierkant uit toen ik iets dergelijks voor hun ziekenhuis suggereerde.
Twee dagen geleden viel mijn oog op een verandering in de North Charles Street. Het woord ‘Doctors’ is onzichtbaar geworden door een opvallend geel spandoek. ‘LEASE’ staat er in grote letters te lezen. Zou het toeval zijn?
zaterdag 27 februari 2010
dinsdag 9 februari 2010
Ingesneeuwd
Vrijdag om vijf uur 's middags begon het. Zaterdag om vijf uur stopte het. Sneeuw. Er is ongeveer 65 cm. gevallen. Een record sinds 1922. De dagen ervoor was het al het gespreksitem van de dag. Winkels werden leeggehamsterd. En (deze keer) waren de Baltimorezen niet overdreven bezig.
Het leven ligt sindsdien redelijk plat. We zouden vrijdagavond naar een huiskamerconcert gaan. Helaas. Zaterdagmiddag eten met een enthousiast verpleegkundig directrice die al lange tijd een goede band heeft met Het Oogziekenhuis Rotterdam. Nieuwe afspraak gemaakt. Zaterdagavond naar een CD presentatie. Afgezegd. Kerkdiensten gisteren. Geannuleerd.
Bij veel huishoudens is de stroom uitgevallen, maar daar hebben wij hier gelukkig geen last van. De voorraad eten was echter niet zo groot dus zaterdag door de sneeuw geploegd. De Giant supermarkt zit maar een paar blokken verderop, maar het leek een wereldreis. Door smalle paadjes die schoongeschept zijn, beetje het gevoel of je door korenvelden loopt waar de halmen tot aan je heupen komen. (Deed ik vroeger in de Korenpolder, achter het huis van Kesselaar. Of was dat mais? Ik weet niet meer, maar ik moest daar aan denken doen ik erdoor liep.) De winkel was zowaar gedeeltelijk open. Het was heerlijk rustig. Zowel in de paden als op de schappen. Tot je bij de kassa kwam. Er was er maar eentje open en we hebben zeker een uur staan wachten.
De zon scheen gisteren en vandaag flink, maar het is nog net onder het vriespunt. Dus zoveel sneeuw is er nog niet verdwenen. Er is enorm hard gewerkt door de gemeentelijke diensten (tekort aan strooizout kennen ze hier niet), maar er is moeilijk tegenop te werken. Bussen rijden niet, scholen zijn gesloten (Hopkins University incluis), veel overheidsdiensten ook. Het Witte Huis doet zijn naam extra eer aan en heeft de macht gedeeld - de hele regio deelt nu in deze status. En niet alleen de federale ambtenaren hebben een dag vrij.
Eigenaars van een 4x4 wagen werden opgeroepen ziekenhuizen te helpen met noodzakelijk vervoer van patiënten en personeel (excl. Toyota's). De benenwagen is momenteel het meest betrouwbare vervoermiddel, hoewel - ik ben benieuwd hoeveel botbreuken er al geteld zijn. Buiten probeerde zojuist een gehakte dame de sneeuw te trotseren. Dan vraag je er een beetje om, het ging net goed. Gelukkig is het Union Memorial Hospital, 'Andriens ziekenhuis' hier om de hoek, gespecialiseerd in orthopedie. Andrien is gaan kijken of ze open zijn want ze zou daar vandaag in de bieb werken. En ze is nog niet terug, dus dat zal wel.
Hierbinnen is het warm, er is stroom, koffie en een computer. Thuiswerken is niet alleen een oplossing voor het fileprobleem in Nederland. Benieuwd hoe het morgen is. Vanaf halverwege de middag wordt opnieuw sneeuw verwacht...
Het leven ligt sindsdien redelijk plat. We zouden vrijdagavond naar een huiskamerconcert gaan. Helaas. Zaterdagmiddag eten met een enthousiast verpleegkundig directrice die al lange tijd een goede band heeft met Het Oogziekenhuis Rotterdam. Nieuwe afspraak gemaakt. Zaterdagavond naar een CD presentatie. Afgezegd. Kerkdiensten gisteren. Geannuleerd.
Bij veel huishoudens is de stroom uitgevallen, maar daar hebben wij hier gelukkig geen last van. De voorraad eten was echter niet zo groot dus zaterdag door de sneeuw geploegd. De Giant supermarkt zit maar een paar blokken verderop, maar het leek een wereldreis. Door smalle paadjes die schoongeschept zijn, beetje het gevoel of je door korenvelden loopt waar de halmen tot aan je heupen komen. (Deed ik vroeger in de Korenpolder, achter het huis van Kesselaar. Of was dat mais? Ik weet niet meer, maar ik moest daar aan denken doen ik erdoor liep.) De winkel was zowaar gedeeltelijk open. Het was heerlijk rustig. Zowel in de paden als op de schappen. Tot je bij de kassa kwam. Er was er maar eentje open en we hebben zeker een uur staan wachten.
De zon scheen gisteren en vandaag flink, maar het is nog net onder het vriespunt. Dus zoveel sneeuw is er nog niet verdwenen. Er is enorm hard gewerkt door de gemeentelijke diensten (tekort aan strooizout kennen ze hier niet), maar er is moeilijk tegenop te werken. Bussen rijden niet, scholen zijn gesloten (Hopkins University incluis), veel overheidsdiensten ook. Het Witte Huis doet zijn naam extra eer aan en heeft de macht gedeeld - de hele regio deelt nu in deze status. En niet alleen de federale ambtenaren hebben een dag vrij.
Eigenaars van een 4x4 wagen werden opgeroepen ziekenhuizen te helpen met noodzakelijk vervoer van patiënten en personeel (excl. Toyota's). De benenwagen is momenteel het meest betrouwbare vervoermiddel, hoewel - ik ben benieuwd hoeveel botbreuken er al geteld zijn. Buiten probeerde zojuist een gehakte dame de sneeuw te trotseren. Dan vraag je er een beetje om, het ging net goed. Gelukkig is het Union Memorial Hospital, 'Andriens ziekenhuis' hier om de hoek, gespecialiseerd in orthopedie. Andrien is gaan kijken of ze open zijn want ze zou daar vandaag in de bieb werken. En ze is nog niet terug, dus dat zal wel.
Hierbinnen is het warm, er is stroom, koffie en een computer. Thuiswerken is niet alleen een oplossing voor het fileprobleem in Nederland. Benieuwd hoe het morgen is. Vanaf halverwege de middag wordt opnieuw sneeuw verwacht...
zondag 7 februari 2010
Studenten
Sam Yung kan het niet begrijpen. Nederlandse studenten bezetten collegezalen omdat hun beurs misschien wordt omgezet in een lening? Maar als je een beurs verdiend hebt kan die toch niet zomaar worden ingetrokken? Nee Sam, die beurs hoef je niet te verdienen. Iedereen die 18 jaar is, highschool heeft afgerond en zich inschrijft bij een universiteit krijgt geld op de rekening gestort. Wat?
Yung studeert informatietechnologie aan de Johns Hopkins University in Baltimore. Om daar te komen heeft hij eerst een stevige selectieprocedure moeten doorlopen. Zijn ouders, afkomstig uit Zuid-Korea maar nu woonachtig in de VS, betalen een groot deel van de studie. Niet dat zij rijk zijn, ze teren nu flink in op de spaartegoeden. En Sam studeert, om te groeien, en om straks zijn ouders terug te kunnen betalen. Dat betekent een kleine kamer, zo veel mogelijk gebruikmaken van de faciliteiten van de universiteit en hard studeren. Want tijd is geld.
Alleen het collegegeld voor een jaar bachelor aan Hopkins bedraagt dit jaar al 39.150 dollar (28.500 euro). Dat wil niet zeggen dat iedere student dat ook zelf betaalt en dat studeren alleen mogelijk is voor de rijke elite. Groot verschil met Nederland is dat je er zelf wel wat voor moet doen. Van de studenten krijgt 45 procent een specifieke beurs van de universiteit, 35 procent maakt gebruik van gunstige leningen, 12 procent ontvangt federaal geld en 5 procent krijgt een bijdrage van de lokale staat. Een beurs ontvangen betekent dat je wat hebt waar te maken.
Van ’s morgens zeven uur in de shuttlebus tot zaterdagavond in de Starbucks van boekhandel Barnes & Noble tref ik ijverige studenten die met boeken en papers aan de slag zijn. Natuurlijk is er ook hier geklaag over hoge prijzen, saaie colleges of onduidelijke opdrachten. Maar de overtuiging overheerst dat het een voorrecht is te mogen studeren en dat een studie bovendien een goede investering is in jezelf. Als student heb je immers een grote kans op een goede baan en daarmee mogelijkheden eventuele schulden af te lossen.
Niet verwonderlijk dat de slagingspercentages flink wat hoger liggen dan in Nederland. Van de studenten die in de herfst van 2002 aan Hopkins begonnen aan de vierjarige bacheloropleiding, slaagde 83 procent binnen die vier jaar. Na vijf jaar was dat 90 procent en na zes jaar 91 procent. Volgens het CBS was het slagingspercentage voor de gemiddelde Nederlandse driejarige bachelor na drie jaar 22 procent. Na vier jaar liep het aantal universitaire diploma’s (ook de masters zijn hierin meegeteld) op tot 42 procent, na vijf jaar 59 procent. Tel uit je winst, studenten. Zeker meer dan 266 euro (de huidige basisbeurs voor uitwonende studenten) per maand.
Natuurlijk, Nederland is geen Amerika en wil dat op sommige terreinen ook niet zijn. Maar een collegezaal bezetten vanwege het misschien verliezen van een recht dat je nooit hebt verdiend? Sam kan er niet bij. En ik ook niet.
Yung studeert informatietechnologie aan de Johns Hopkins University in Baltimore. Om daar te komen heeft hij eerst een stevige selectieprocedure moeten doorlopen. Zijn ouders, afkomstig uit Zuid-Korea maar nu woonachtig in de VS, betalen een groot deel van de studie. Niet dat zij rijk zijn, ze teren nu flink in op de spaartegoeden. En Sam studeert, om te groeien, en om straks zijn ouders terug te kunnen betalen. Dat betekent een kleine kamer, zo veel mogelijk gebruikmaken van de faciliteiten van de universiteit en hard studeren. Want tijd is geld.
Alleen het collegegeld voor een jaar bachelor aan Hopkins bedraagt dit jaar al 39.150 dollar (28.500 euro). Dat wil niet zeggen dat iedere student dat ook zelf betaalt en dat studeren alleen mogelijk is voor de rijke elite. Groot verschil met Nederland is dat je er zelf wel wat voor moet doen. Van de studenten krijgt 45 procent een specifieke beurs van de universiteit, 35 procent maakt gebruik van gunstige leningen, 12 procent ontvangt federaal geld en 5 procent krijgt een bijdrage van de lokale staat. Een beurs ontvangen betekent dat je wat hebt waar te maken.
Van ’s morgens zeven uur in de shuttlebus tot zaterdagavond in de Starbucks van boekhandel Barnes & Noble tref ik ijverige studenten die met boeken en papers aan de slag zijn. Natuurlijk is er ook hier geklaag over hoge prijzen, saaie colleges of onduidelijke opdrachten. Maar de overtuiging overheerst dat het een voorrecht is te mogen studeren en dat een studie bovendien een goede investering is in jezelf. Als student heb je immers een grote kans op een goede baan en daarmee mogelijkheden eventuele schulden af te lossen.
Niet verwonderlijk dat de slagingspercentages flink wat hoger liggen dan in Nederland. Van de studenten die in de herfst van 2002 aan Hopkins begonnen aan de vierjarige bacheloropleiding, slaagde 83 procent binnen die vier jaar. Na vijf jaar was dat 90 procent en na zes jaar 91 procent. Volgens het CBS was het slagingspercentage voor de gemiddelde Nederlandse driejarige bachelor na drie jaar 22 procent. Na vier jaar liep het aantal universitaire diploma’s (ook de masters zijn hierin meegeteld) op tot 42 procent, na vijf jaar 59 procent. Tel uit je winst, studenten. Zeker meer dan 266 euro (de huidige basisbeurs voor uitwonende studenten) per maand.
Natuurlijk, Nederland is geen Amerika en wil dat op sommige terreinen ook niet zijn. Maar een collegezaal bezetten vanwege het misschien verliezen van een recht dat je nooit hebt verdiend? Sam kan er niet bij. En ik ook niet.
Abonneren op:
Posts (Atom)